1951: De praktijk van dokter Begheyn

Categorie:

Beschrijving

Ingestuurd door: Marjo Timmermans-Bruekers

Ik heb 3,5 jaar voor dr. Begheyn gewerkt. Als herinnering en anekdote mag volgens mij dan ook het verhaal van dokter J.M.A.A. Begheyn, oud-oogarts te Weert niet ontbreken. Hij was de laatste specialist die zijn praktijk nog aan huis had en niet in het ziekenhuis. Jacques Begheyn was een markante persoonlijkheid en in mijn ogen een zeer deskundige oogarts die na zijn opleiding in Amsterdam zich in 1951 te Weert vestigde in de Boerhaavestraat. Hij was streng voor zichzelf en ook voor zijn personeel. In 1982 is hij gestopt met zijn werkzaamheden als oogarts. Hij heeft ook mede de medische staf van het SJG opgericht.

In 1978 ging ik als een van de laatste assistentes bij hem werken. De praktijk lag schuin tegenover het ziekenhuis zodat er eenvoudig op en neer gependeld kon worden. Hij verrichtte operaties in de operatiekamer van het SJG en in het verleden gingen zijn eigen assistentes mee naar de OK. Ik zie hem nog met een aluminium bakje, met in een autoclaaf gesteriliseerde instrumenten, de straat oversteken en naar het ziekenhuis lopen. Met zijn eigen instrumenten verrichtte hij strabismus (scheelzien)-operaties en werden er enucleaties (oogverwijderingen) uitgevoerd. De kleinere operaties, de huidige POK, deed hij aan huis. Op de afdeling in het ziekenhuis had hij 3 bedden tot zijn beschikking. Tussen de middag liep hij daar, na het drukke ochtendspreekuur, zijn visites als dat nodig was.

Hij had elke dag vrij spreekuur van 08.30 tot 10.30 uur voor ziekenfondspatiënten, wat altijd gigantisch uitliep. De patiënten konden niet allemaal in de wachtkamer en stonden vaker buiten, tot op straat en tot aan de keukendeur. De kinderen die naar school moesten, konden er nauwelijks door. De wachttijden waren enorm en daar werd niet over geklaagd. Men wist niet beter en je werd altijd dezelfde dag geholpen. In de middag was er spreekuur voor particuliere patiënten. Dat had je in die tijd nog, de scheiding tussen particulier en ziekenfondspatiënten. Daarnaast ging hij nog tweemaal per week naar Meijel om daar in het Groene Kruis spreekuur te houden. Nu heet dat spreekuur op locatie.

Privacy? Van de AVG had toen nog niemand gehoord. De patiënten zaten vaak met 4-5 personen in de spreekkamer. Iedereen hoorde alles van elkaar. Nu is dit ondenkbaar! Er werd overigens door allerlei opmerkingen veel gelachen.

Vrij? Zelden was hij een dag vrij. Kermis, Carnaval; nee hoor. Gewoon doorwerken. Vakanties werden door hem bepaald. Je kon vrij krijgen als hij ook vrij was.
Toen ik voor de wet ging trouwen moest ik die dag nog tot 12.30 uur werken. Volgens de dokter kon ik dan nog op tijd (14.00 uur) voor de ambtenaar verschijnen. Gelukkig zijn we voor de kerk op een zaterdag getrouwd. En op huwelijksreis? Geen sprake van! Eén dag voor het huwelijk en één dag (maandag) erna.

Hij was zeer betrokken en had hart voor zijn patiënten, dat stond hoog in het vaandel bij hem. Als patiënten met spoed voor ernstige problemen naar het academisch ziekenhuis naar Nijmegen moesten, werden deze met gillende sirenes daar naar toegebracht. Hij was lang de enige oogarts in Weert en alle avond-, nacht- en weekenddiensten kwamen voor zijn rekening. Vaker werd er waargenomen voor de andere oogarts in de regio (dokter Janssen in Roermond), waardoor het nog drukker was.

Zijn uitspraak over patiënten die vaak op het spreekuur kwamen voor ogenschijnlijk niets bijzonders was steevast: ”10 keer komen ze voor niets maar je moet toch alert blijven, want de 11e keer kan het wel wat zijn.” Natuurlijk waren er ook patiënten die lastig waren of teveel zeurden waarover op de polikaart in een hoekje de opmerking OH (vrij te vertalen!) of Cave Matrone van de 1e tot de 4e graad stond vermeld.

Ook werd hij vaker gebeld door dierenartsen met de vraag of hij de ogen van een kat, hond of paard kon bekijken, geen probleem, het kon allemaal.
Het leven van een specialist in die tijd werd veel minder door regels en protocollen bepaald dan tegenwoordig.

Ik heb er veel geleerd en gezien. Zaken meegemaakt die nu onvoorstelbaar zijn. Sommige dingen zoals privacy zijn zeker ten goede veranderd. Zelf je vakantiedagen bepalen is een positieve verandering.

Betrokkenheid en hart voor patiënten?
Gelukkig zie ik dit nog steeds in het SJG en daar ben ik best heel trots op!

Extra informatie

tijdsperiode

1950 – 1960

Praat mee